De mooiste wandelingen in hartje Parijs

Natuurlijk zijn er de bekende musea en monumenten waar Parijs in de hele wereld om bekend staat. Maar de stad heeft nog veel verborgen schatten, ook voor de Parijzenaars zelf. Soms is het enkel nodig een onbekend straatje in te lopen of tegen een deur te duwen om ze te ontdekken.

Parigramme - JPEGGuillaume Apollinaire hield bijzonder veel van de strenge suggestieve sfeer van de Auberge de l’Aigle d’Or, rue du Temple in het 3e arrondissement van Parijs. Op de plek waar nog prachtige overblijfselen uit de tijd van Lodewijk XIII bewaard zijn, staan nu het Café de la Gare en dansstudio’s. Niet ver daarvandaan markeert een plaatje op quai aux Fleurs, Ile de la Cité, de plaats waar Héloïse et Abélard, twee beroemde geliefden, woonden.

Sinds 1934 vindt ieder jaar op Montmartre een wijnoogstfeest plaats om de oogst van de Butte te vieren. Gedurende enkele dagen worden er festiviteiten georganiseerd, zoals een optocht van de wijngildes en -verenigingen in hun traditionele kledij, concerten, en vooral het oogsten van de druiven van één van de wijngaarden, op de hoek van de rue des Saules en rue Saint Vincent.

Wandelen is een kunst, met trucjes en omwegjes. De begraafplaats Père Lachaise, in het 20e arrondissement, valt onder monumentenzorg. Maar deze historische en legendarische begraafplaats is ook een van de grootste parken van Parijs en beslaat 44 ha waarop 4000 bomen en 6000 struiken zijn geplant. 15 km avenues en paden doorkruisen de begraafplaats waar ieder jaar twee miljoen bezoekers naar toe komen. De elite uit de wereld van de literatuur, kunst en politiek rust hier in eeuwigheid, zoals Molière, Balzac, Delacroix, Proust, Chopin, Colette… .

Tegenover de punt van Ile de la Cité staat het Hôtel de la Monnaie, tussen de Pont Neuf en de Passerelle des Arts. Achter de neoklassieke voorgevel van dit prachtige monument langs de Seine bevinden zich werkplaatsen waar ambachtslieden nog steeds munten, medailles en de euro’s slaan. Een echt kunstatelier in hartje Paris, met smelterij, ovens, persen en de typische geluiden en geuren. 384 mensen werken er waarvan 248 als arbeider, meester-graveur, juwelier, smelter, ponser of munter.

Al wandelend kan degene die nieuwsgierig is naar een stukje geschiedenis verrassende ontdekkingen doen. In het zuidelijke stukje van Parijs, tegenover het Parc Montsouris, aan de andere zijde van de boulevard Jourdan, waant men zich in een totaal andere wereld, want voor u ligt de 34 ha groene oasis van la Cité universitaire internationale, de internationale campus van Parijs. Een waar architectonisch openluchtmuseum met 40 gebouwen waar elk jaar 10.000 studenten van 140 verschillende nationaliteiten verblijven. Sommige gebouwen zijn ontworpen door bekende architecten en enkele vallen onder monumentenzorg. En als men langs rue Nansouty en rue Emile Deutsch-de-la-Meurthe loopt, aan de rand van het Parc Montsouris, kan men steegjes ontdekken die van dit deel van het 14e arrondissement een stukje paradijs maken.

Ook winkeltjes, restaurants, galerijtheaters en overdekte passages zorgen voor veel verrassingen. Enkele, zoals de passages Vivienne en Colbert, vlakbij het Palais Royal, ontvouwen al sinds 1826 hun pracht in deze geschiedenisrijke wijk. Andere zoals de passage Brady, tussen rue du Faubourg Saint-Denis en boulevard de Strasbourg, trekken nog steeds veel publiek. Alles herinnert hier aan India en Pakistan, het ruikt er heerlijk naar de kruiden !

Het is ook mogelijk om een duik te nemen in het ondergrondse Parijs, om het labyrint van catacomben of het rioolnet te bezoeken dat een lange en rijke geschiedenis kent. Er worden wandelingen georganiseerd op 20 meter onder de grond. Van alle steden in de wereld bezit Parijs het grootste en best aangepaste netwerk van riolen aan de hygiënische eisen. Het Musée des Egouts (rioolmuseum) organiseert een wandeling door de aangelegde galerijen, tussen de machines en het gereedschap uit die tijd.

Kijken door een hek, een steegje inlopen…. romantici zullen de kassen van Auteuil of het Château de Bagatelle met zijn mooie tuin appreciëren. Anderen zullen weer de voorkeur geven aan de 13e eeuwse crypte van de église Saint Sulpice waar concerten worden gegeven., of aan de mooie door Jules Lavirotte ontworpen Jugendstil voorgevel op de Avenue Rapp in het 7e arrondissement. En dan de Grote Moskee van Parijs niet te vergeten, in het Quartier latin, dichtbij de Jardin des Plantes. De minaret in Mudejarstijl van 33 meter steekt er boven uit. Maar ook de magie heeft haar museum. Men kan het museum vinden in de Marais. In een doolhof van gewelfde kelders vindt men bizarre en gekleurde voorwerpen en automaten die de geschiedenis van het illusionisme laten zien.

Wat blijft er vandaag de dag over van de Gallo-Romeinse aanwezigheid? Het Parijs in de Gallo-Romeinse tijd was ons tot heden enkel bekend door de arena van Lutetia en de thermen van Cluny. Archeologen van het nationaal instituut voor preventief archeologisch onderzoek hebben de overblijfselen ontdekt van een van de eerste woonwijken van het antieke Lutetia, uit de 2e eeuw van onze jaartelling. Een van de huizen heeft zijn eigen thermen met tegels, een grondverwarmingssysteem en muurschilderingen. De ontdekkingen werden gedaan in de buurt van rue St Jacques, op de vlakte van de montagne Sainte Geneviève, in het 5e arrondissement van Parijs. Genoeg om de Franse hoofdstad opnieuw te ontdekken.

gepubliceerd op 07/01/2010

naar boven